Afkoopverbod lijfrenteverzekering

Curator is gebonden aan afkoopverbod lijfrenteverzekering

Hof Arnhem oordeelt dat een lijfrenteverzekering met een afkoopverbod ook bij faillissement niet kan worden afgekocht.

De curator heeft een verzekeraar gevraagd een nieuw regiem lijfrente af te kopen wegens het faillissement van verzekeringnemer. De verzekeraar weigerde vanwege het afkoopverbod op lijfrentepolissen. Daarop heeft de curator zich gewend tot de Rechtbank Almelo. De rechtbank wijst de vordering van de curator af, omdat niet duidelijk is gebleken dat de rechter-commissaris toestemming gaf. In beroep bij het hof voert de curator aan dat hij de lijfrente op grond van de Faillissementswet kan laten afkopen, omdat de rechter-commissaris heeft vastgesteld dat de heer X daardoor niet onredelijk wordt benadeeld.

Hof Arnhem stelt voorop dat de curator alleen die beschikkingshandelingen kan verrichten die aan X toekomen. Kan de verzekeringnemer vanwege het afkoopverbod niet afkopen, dan kan de curator dat ook niet. Vervolgens constateert het hof dat de lijfrentepremies voor de inkomstenbelasting in aftrek konden komen en daarmee heeft de verzekeraar zich terecht beroepen op het afkoopverbod. De curator wordt in het ongelijk gesteld.

Belang voor de praktijk

Tot nu toe kon op grond van een eerdere uitspraak van de Rechtbank Almelo worden aangenomen dat er voor lijfrenteverzekeringen bij faillissement slechts een betrekkelijk zachte bescherming is. Zou door een rechter-commissaris worden geoordeeld dat er geen sprake is van 'onredelijke benadeling', dan stond volgens die uitspraak de weg naar afkoop open. Nu is echter duidelijk komen vast te staan dat eerst getoetst moet worden aan het Burgerlijk Wetboek (BW). Er zijn twee mogelijkheden:

is afkoop volgens artikel 7:986, lid 4, BW niet mogelijk (zoals bij nieuw regime lijfrenteverzekeringen), dan kan de curator niet laten afkopen en kom je aan de bepaling uit de faillissementswet niet meer toe;

is afkoop volgens artikel 7:986, lid 4, BW wel mogelijk (zoals bijvoorbeeld bij oud-regime lijfrenten en kapitaalverzekeringen het geval is), dan zal vervolgens nog getoetst moeten worden aan de Faillissementswet. Die wet stelt namelijk nog als extra voorwaarde dat afkoop slechts mogelijk is als de rechter-commissaris heeft geoordeeld dat er geen sprake is van onredelijke benadeling van de gefailleerde.

De uitspraak heeft betrekking op een verzekerde lijfrente. Is er sprake van een bancaire lijfrente, dan geldt er sinds 1 oktober jl. ook faillissementsbescherming. Lijfrenterekeningen vallen niet in het faillissement voor zover de ingelegde bedragen voor de inkomstenbelasting in aftrek konden komen.


« terug naar het nieuwsoverzicht

Mogen wij meedenken met uw uitdaging?