Dga-pensioen nu en vanaf 2014

2013: Jaar van wijzigingen in dga-pensioen!

Dit jaar nog moeten de pensioenbrieven aangepast worden in verband met de nieuwe fiscale spelregels per 1 januari 2014. Inmiddels staan er ook per 2015 weer wijzigingen op stapel om rekening mee te houden. En dan de financiële crisis die meer en meer zijn tol eist bij pensioenen in eigen beheer en geregeld mede leidt tot onderdekking; hoe kan daarmee om worden gegaan? Kortom, 2013 is het jaar voor heroverweging, toetsing en aanpassing van uw pensioenregeling!

Gevolgen per 1 januari 2014

Invoering van de Wet verhoging AOW- en pensioenrichtleeftijd (Wet VAP) heeft tot gevolg dat met ingang van 1 januari 2014 de fiscale regels voor pensioenregelingen veranderen. De belangrijkste voor een dga zijn:
- de pensioenrichtleeftijd wordt verhoogd naar 67 jaar;
- de pensioenrichtleeftijd wordt gekoppeld aan de ontwikkeling van de levensverwachting. Dit betekent dat jaarlijks wordt beoordeeld of de ontwikkeling van de levensverwachting reden geeft voor verdere verhoging van de wettelijke pensioenrichtleeftijd (mogelijk al per 2015);
- de fiscaal maximale opbouwpercentages worden verlaagd. Het maximale opbouwpercentage zakt van 2% naar 1,9% voor een eindloonregeling, en van 2,25% naar 2,15% in een middelloonregeling. Ook voor de beschikbare premieregelingen worden aanpassingen doorgevoerd;
- de maximum opbouwpercentages voor het partner- en wezenpensioen worden aangepast.

Toekomstige opbouw: toch op een ander moment met pensioen?

Ondanks de wijzigingen per 2014, blijft het bij verdere pensioenopbouw mogelijk om een lagere pensioenrichtleeftijd aan te houden dan 67 jaar. In dat geval moet wel een (actuarieel) verlaagd opbouwpercentage worden gebruikt. Ook toezegging van pensioen met een hogere pensioenleeftijd blijft een optie. Hier zijn wel grenzen aan verbonden.

Wat te doen met oude pensioenrechten?

Voor tot 2014 opgebouwde pensioenaanspraken geldt dat deze kunnen blijven staan of worden uitgesteld. Waar het eerste kan leiden tot uitkering van het ouderdomspensioen op (minimaal) twee data, leidt het tweede tot één pensioen dat ingaat op 67-jarige leeftijd. Hierbij is niet perse één beste keuze aan te wijzen, maar speelt bijvoorbeeld de toekomstige pensioenopbouw van de dga een rol.

Verdere aftakeling pensioenopbouw op komst per 2015

De versobering van pensioenopbouw lijkt nog niet ten einde. Onlangs is een wetsvoorstel aangenomen door de Tweede Kamer voor verdere verlaging van de maximum opbouw- en premiepercentages voor pensioenen per 1 januari 2015. Er is veel verzet tegen de plannen, maar de grenzen die de fiscus stelt aan de fiscale pensioenopbouw worden de komende jaren waarschijnlijk toch aangescherpt.

Zo is bijvoorbeeld voorgesteld het maximumpercentage voor de pensioenopbouw onder het eindloonstelsel nog verder te verlagen naar 1,55% en voor het middelloonstelsel naar 1,75%. Dit vloeit voort uit het standpunt van de staatssecretaris van Financiën dat na 40 jaar in plaats van na 37 jaar pensioenopbouw maximaal een pensioen kan worden bereikt van 70% van het gemiddelde loon. De fiscale ruimte voor de aftrek van premies voor lijfrente wordt ook verlaagd.

Hoog salaris? Pensioenopbouw gemaximeerd
Een andere begrenzing in het voorstel is om het pensioengevend inkomen te maximeren op
€ 100.000,- (voor inbouw van de AOW-franchise). Dit komt erop neer dat de zogenoemde omkeerregel (pensioenpremie aftrekbaar, uitkering belast) niet langer van toepassing is op een pensioenregeling waarbij de pensioenopbouw plaatsvindt op basis van een hoger pensioengevend loon dan het maximum van € 100.000,-. Overschrijdt een toegezegd pensioen de fiscale grenzen, dan is het bovenmatige deel in beginsel een vermogensrecht dat in box 3 valt. De omkeerregel is hierop dan niet van toepassing.

Financiële crisis en pensioen in eigen beheer

Nog los van de gevolgen door de wettelijke wijzigingen die in aantocht zijn, speelt bij pensioen in eigen beheer de financiële crisis ook steeds meer een rol. Nagenoeg alle dga’s met pensioen in eigen beheer hebben fiscaal maximale aanspraken op basis van een eind- of middelloon pensioenbrief. Door de extreem lage rente lopen de verschillen tussen de fiscale balanswaarde en de waarde in het economische verkeer voor de aanspraken steeds verder uit elkaar. Het grote verschil tussen de fiscale en commerciële waarde van de aanspraak, in combinatie met tegenvallende resultaten op het pensioenkapitaal, zorgt vaak voor onderdekking. Onvoldoende buffer om op de korte of lange termijn aan de pensioenverplichtingen te kunnen voldoen is een risico. Dit kan pas op pensioendatum gaan spelen, maar ook al eerder, bijvoorbeeld bij echtscheiding of overlijden. Dit is dan ook bij uitstek het moment om te kijken naar mogelijke oplossingen: een overstap naar een beschikbare premieregeling in eigen beheer, alternatieven voor pensioen in eigen beheer of wellicht een eenmalige vermindering van het pensioen?

Eenmalige vermindering pensioen

Sinds 1 januari 2013 mogen bv’s, waar de dga zijn pensioen in eigen beheer heeft ondergebracht, onder voorwaarden een eenmalige korting toepassen op het verzekerde pensioen. Deze korting leidt dan niet tot een fiscale afrekening. Dit is alleen mogelijk in situaties waarin de vermogenspositie van het eigenbeheerlichaam door ondernemings- en/of beleggingsverliezen op de pensioeningangsdatum ontoereikend is om de aangegane pensioenverplichtingen na te komen. De pensioenaanspraken mogen dan worden verminderd met (ten hoogste) het bedrag dat nodig is om de dekkingsgraad van de fiscale waarde van de pensioenverplichtingen op 100% te stellen. Een voorwaarde voor het verminderen van de pensioenaanspraken is dat de dekkingsgraad op de pensioendatum minder dan 75% moet zijn. De dekkingsgraad is de mate waarin de bezittingen van de vennootschap de pensioenverplichtingen dekken.

Daarnaast moeten pensioen-bv’s die van deze regeling gebruik willen maken rekening houden met een aantal aanvullende voorwaarden waaraan moet zijn voldaan.

In 2013: heroverwegen, toetsen en aanpassen van pensioenregeling!

1 januari 2014 lijkt nog ver weg, maar per deze datum moeten zowel bestaande als nieuwe pensioenovereenkomsten in elk geval voldoen aan het gewijzigde fiscale regime per 2014. En is het niet verstandig om bij de wijziging van de pensioenregeling per 1 januari 2014 voor zover mogelijk al rekening te houden met de wetgeving per 1 januari 2015, zodat de pensioenovereenkomst volgend jaar nog maar beperkt hoeft te worden aangepast?

Toetsing van een bestaande regeling aan de nieuwe fiscale regels is dus erg belangrijk. Komt de huidige regeling boven de toegestane grenzen, dan is wijziging nodig om onnodige heffing van belasting en revisierente te voorkomen. Kom dus op tijd in actie en grijp deze maatregel aan om uw volledige pensioen onder de loep te nemen.


« terug naar het nieuwsoverzicht

Mogen wij meedenken met uw uitdaging?